|

|
| metseltekens op een Middeleeuwse kasteelmuur (Oosterhout: klooster St. Catharinedal) |
Wie brachten de tekens aan en met welke bedoeling?
Op de vorige bladzij zijn een aantal mysterieuze figuren op kerkmuren, kasteelmuren en poortgebouwen
getoond. Op de pagina's die hier volgen, gaan we daarin nog wat verder, afhankelijk van wat we in het land (en in het
ons omringende buitenland) kunnen vinden.
Maar eerst een bespiegeling over de reden en betekenis van deze tekens.
Ik heb hier tot op heden nog geen informatie over uit wetenschappelijke hoek, maar we kunnen wel een paar
dingen opmerken:
1. Wanneer?
In Nederland werden deze tekens aangebracht tussen 1450 en 1570. Met de komst van de reformatie stopt
het. In België en Noord Frankrijk gaat het nog wel wat langer door.Dan worden ook meer woonhuizen
in steen uitgevoerd en zien we ze ook daarop verschijnen.
We zien in België het aanbrengen met een magische betekenis geleidelijk veranderen in puur ornamentele
waarde, min of meer ontdaan van hun oorspronkelijke betekenis. Die omslag kwam pas na 1550.
In ons land zie je haast iets omgekeerds: het aanbrengen van een ornament van donker gesintelde stenen in
het metselwerk begint al in de 14e eeuw. De specifieke tekens lijken dan iets later hun intree te doen.

|
| Gotisch runenalfabet |
2. Symbolen.
Bij de oudere tekens ontbreekt het gevoel voor symmetrie en lijken de tekens vrij plotseling tijdens
het bouwproces te zijn aangebracht. Dit versterkt nog eens het feit dat we met een symboolfunctie van doen hebben.
Uit de vreemde plaatsing van de tekens valt op te maken dat het tijdens het bouwproces ineens opkwam
dat het een goede zaak zou zijn om zo'n teken aan te brengen. Soms werd hetzelfde teken (het X-kruis) meerdere keren aangebracht.
Soms zijn in de tekens nog duidelijk Germaanse runen te herkennen en soms zijn ze overduidelijk christelijk.

|
| niendeuren met kruis op de paal |

|
| maalkruisteken op de stiepel (middenpaal van de niendeuren) |
3. Waar zitten ze?
We vinden de symbolen op de toren, op de kerk, op pastorieën, kloosters, kastelen en stadstorens/-muren
en soms ook op woonhuizen.
Helaas is niet meer na te gaan of ook op houten gebouwen in die tijd dergelijke symbolen werden aangebracht,
maar dit is wel waarschijnlijk, al was het maar in miniformaat. Soms werden tekens ook wel aangebracht in de dakbedekking
(pannen of leien).
4. De bouwhutten
Er werden veel kerken in die tijd vrijwel gelijktijdig gebouwd. Er is vast veel van mekaar afgekeken.
De bouwhut, die aan de ene kerk werkte, verhuisde van lokatie en werkte verder aan de volgende kerk en nam gewoonten omtrent het
aanbrengen van metseltekens met zich mee. Maar de opdracht ertoe moest toch van de opdrachtgevers komen. Deze zagen de
eerdere bouwwerken en dachten: dat doen wij ook. In die bewuste eeuw tussen 1450 en 1550 werd het een soort mode, een hype
zouden we nu zeggen.
5.De opdrachtgevers
De kerk vormde aanvankelijk het centrum van de macht. Zowel wereldlijke als kerkelijke overheden kunnen
ermee een bepaald stempel gedrukt hebben op het gebouw, refererend aan een bepaalde functie of een bijzondere relatie.
Inmiddels begint voor enkele van de tekens zich al een betekenis af te tekenen: het wapen van de graaf van
Horne op de toren van Loker. Maalkruis en (vermoedelijk ook) ruit als tekens van rechtspraak.
6. Bekendheid bij de bevolking
De aangebrachte tekens moeten een begrip zijn geweest voor de bevolking, hetzij vanwege een magische
lading, hetzij vanwege de instituties, die ermee werden aangegeven.
7. Onheil werende tekens
Het bestaan van (kwaadwillende) geesten en demonen werd door de kerk destijds niet ontkend. Men hield
er rekening mee. Symbolen waren een manier waarop je kon communiceren met die ándere' wereld. De toverknoop
is daar een voorbeeld van. Maar zouden het toch niet de overheden zijn geweest die van deze symboliek met een bepaalde
bedoeling gebruik hebben gemaakt? Of was het de bouwheer/architect, die bij eventuele rampen niet het verwijt wilde krijgen,
dat hij niet al mogelijke had gedaan om het onheil te keren?
En tegenslagen kon je tijdens een eeuw bouwen toch al snel krijgen: Verzakking in de slappe grond,
Brand, stormschade, overstromingen, inzakken steigers, valpartijen, ruzies, geldgebrek.
Er werd gedurende generaties aan zo'n bouwwerk gebouwd. Dan is het ook begrijpelijk dat als het om magische
tekens ging dat men af en toe opnieuw een daad wilde stellen met het aanbrengen van een metselteken.
Soms heeft men een kat ingemetseld aangetroffen die in de middeleeuwen ingemetseld geworden was. In
ons land zijn er al een stuk of 5 bekend, maar in Engeland nog veel vaker. De foto verwijst naar een kattenmummie
die te Veere in de Grote Kerk gevonden werd.
Het bewijst alleen maar, dat er collectief iets kon gebeuren in de sfeer van afweer tegen kwade geesten, waar de grote
meerderheid kennelijk achterstond.

|
| Kattenmummie, ontdekt in kerkmuur te Veere |
8. Geen metselaarstekens
Voor een particulier metselaarsteken is vorm en grootte veel te groot. Het zijn geen huismerken. Deze werden
op een enkele steen aangebracht.
Een uitzondering lijkt de Gertrudiskerk van Workum. Daar treffen we wel een paar huismerkachtige
tekens aan.

|
| huismerktekens op de kerkmuur van de Gertrudis te workum |
9. Typerend voor de baksteenbouw
Ook zien we ze alleen in baksteenbouw en niet in natuursteenbouw. Nu kan het zijn dat het baksteenmetselgilde
zich onderscheidde van het natuursteenmetselgilde. De eersten waren wellicht iets minder kunstzinnig aangelegd dan
hun collega's van het steenhouwersgilde. En ze hadden beschikking over de afwijkend gekleurde bakstenen, waar ze uit kostenoogpunt
toch wel iets mee moesten doen.
Toch zet dit alle theorieën, die er zijn over de betekenis van de tekens, weer op losse schroeven. Waarom
werden er in de natuursteenbouw geen onheilwerende tekens aangebracht? Daar speelden toch net zo goed dezelfde
rampen en tegenslagen?
10. Voortgekomen uit de houtbouw
De rechthoekige vormen zijn overigens wel een aanwijzing, dat deze tekens al een geschiedenis in de
hout-bouw hebben gekend. Ze doen denken aan de zogenaamde huismerken, die veelvuldig in hout werden gekerfd.
Dit kerven vereiste rechte lijnen.
Huismerken hadden, als 'handtekening' van de eigenaar, een rechtsgrond. Perceelgrenzen en gebruiksvoorwerpen
werden voorzien van het eigenaarsteken.
Maar als we spreken van houtbouw, heb je het ook over vakwerkhuizen. Kenmerkend bij vakwerk
zijn toch de maalkruismotieven. Zie foto van een pand in Frankrijk.

|
| vakwerkhuis te Chatillon (Fr) |
11. 'Spielerei'
van metselaars
Dan hebben we nog de mogelijkheid over dat het simpelweg
een soort spielerei was van de metselaars, die met afwijkende stenen op eigen initiatief iets deden, waarvan
ze wisten dat het wel in de smaak zou vallen van de opdrachtgevers/gebruikers van het bouwwerk. Dat sluit dan aan bij de magische
betekenis ervan.
Aangezien er
soms een eeuw of langer over een toren werd gedaan en de generaties elkaar dus opvolgden is het niet zo verwonderlijk
om eenzelfde (magisch) teken veel hoger op de toren nog weer aan te treffen.
Momenteel
hecht ik zelf het meest aan deze laatste theorie.

|
| Ochtenzeele (Fr): kerk met metseltekens |
|